dinsdag 2 april 2013

69. Je moet er wel oog voor hebben

"Heb je dat net gezien van Gerard en Jacqueline?" "Nee, er is me niets opgevallen. Ik keek toevallig een andere kant op". "Hè, jammer nou, dan zag jij niet wat ik zag". "Wat zag je dan?" "Dat ga ik je dus mooi niet zeggen". "Ik zie niet in waarom niet". "Nou kijk, je moet er wel een beetje oog voor hebben natuurlijk. Anders heb je pech. Dan ontgaat je veel". "Maar je denkt toch niet dat ik een beetje ga lopen gluren? Dat zie ik niet zitten". "Maar om het te zien van Gerard en Jacqueline hoef je echt geen ogen in je rug te hebben hoor. Dat ziet iedereen". "Nou, daar sluit ik mijn ogen liever voor. Mij niet gezien".
Maar wat was er dan echt te zien van Gerard en Jacqueline? Hebben die schaamteloze voyeurs in mijn digitale platenkast daar misschien iets van meegekregen? We gaan 't gauw genoeg zien... 

The Black Keys zagen duidelijk Midnight In Her Eyes, maar Mark Lanegan ontdekte de Eyes Of A Child. Tim Buckley vond de ogen van Gerard Devil Eyes en David Gray zag dat weer helemaal anders: A clean pair of eyes. The Handsome Family besloot tot een blik in de verte: Faraway Eyes.

The Clovers hebben Jacqueline nog zò gewaarschuwd (I've Got My Eyes On You), net als The Platters die vonden dat maar ze blind bezig was: Smoke Gets In Your Eyes. Daarop bood Sonny Boy Williamson II  direct zijn burenhulp aan: Eyesight To The Blind. Lauryn Hill raakte maar niet uitgekeken op wat er gebeurde tussen Gerard en Jacqueline: Can't Take My Eyes Off of You.

Caravan zag bij Jacqueline iets speciaals twinkelen (The Love In Your Eye), maar Nick Cave ziet het einde van al dit moois reeds opdoemen: Sad dark eyes. Eric Clapton is het opgevallen hoe blij Gerard kijkt (Pretty Blue Eyes) en toch... Emancipator ziet daar weer iets heel anders in: With rainy eyes. Dus, vindt Van Morrison, dan moet er van bovenaf nog maar eens goed naar gekeken worden: The Master's Eyes.

Maar niet iedereen voelt zich geroepen om naar hen te kijken. Bonobo bijvoorbeeld wordt er verlegen van: Eyesdown. Dusty Springfield is wel nieuwsgierig, maar vraagt bedenktijd: I close my eyes and count to 10. Micah P Hinson (Close Your Eyes) en het duo
Astor Piazzolla & Gerry Mulligan (Close your eyes and listen) vragen alle toeschouwers vooral niet zo te kijken en te gluren.

Wie daar niet naar luisteren zijn The Fabulous Thunderbirds.
Die komen gewoon ogen te kort:



maandag 1 april 2013

68. Er komt nooit meer iets nieuws van Jason Molina (39)

Hier had vandaag eigenlijk een lichtvoetig stukje moeten staan. Onder andere met een nummer van Jason Molina erin. En toen zag ik opeens dat hij op 16 maart is overleden. Wist ik niet, stond volgens mij in geen enkele krant. Het was en is nog steeds een schok, want hij is een van mijn grootste helden en rijk vertegenwoordigd in mijn muziekcollectie. Onder zijn eigen naam, maar ook met Songs:Ohia en Magnolia Electric Co. Daarom gaat hij nu echt even voor, ook al is het Vrolijk Pasen allemaal...
Jason Molina (zoon van Crazy Horse drummer Ralph) maakte 24 albums. Drie onder eigen naam, dertien als Songs: Ohia en zes onder de naam Magnolia Electric Co. Verder een album met Will Oldham (Amalgated sons of rest, 2002) en een met Will Johnson (Molina and Johnson, 2009).
Daarbij ging het hem vooral om de muziek en de inhoud. Dat niet alles even glad en plat geproduceerd was, liet hem koud. Denk daarbij een beetje aan Neil Youngs 'Tonight's the night' en 'Time fades away'. En ook live ging het er meestal prachtig aan toe. Voor wie even zoekt zijn er op internet heel wat complete liveconcerten te vinden.
Jason Molina stopte eind 2009 om gezondheidsredenen met optreden. In 2011 werd bekend dat hij met een alcoholverslaving kampte en was opgenomen. In mei 2012 was hij er weer met, wat nu blijkt, zijn laatste album: Autumn Bird Songs. Gaat de goede kant op, dacht ik. Maar helaas overleed hij op 39-jarige leeftijd. Een overzicht van zijn fantastisch mooie oeuvre:

Songs: Ohia
Songs: Ohia (1997) - Cabwaylingo
Hecla & Griper (1997) - Darling...
Our Golden Ratio (1998) - Translation
The Ghost (1999) - The far end of the bridge
Axxess & Ace (1999) - Love leaves its abuser
The Lioness (2000) - Coxcomb red
Protection Spells (2000) - Whenever I have done a thing in flames
Ghost Tropic (2000) - The body burned away
Mi Sei Apparso Come Un Fantasma (2001) - Nobody tries that hard anymore
Didn't It Rain (2002) - Blue factory flame
Sweet Magnolia (2003) - Hold on magnolia
Magnolia Electric Co (2003) - Farewell transmission

Solo
Pyramid Electric Co. (2004) - Peoria lunch box blues
Let Me Go, Let Me Go, Let Me Go (2006) - Alone with the owl
Autumn Bird Songs (2012) - No hand was at the wheel

Magnolia Electric Co
Trials & Errors (2005) - Almost was good enough
What Comes After the Blues (2005) - The dark don't hide it
Fading Trails (2006) - Don't fade on me
Sojourner (2007) - North star
Josephine (2009) - Little sad eyes
Hard To love a Man (ep, 2005) - Hard to love a man

Jason Molina (16 december 1973 - 16 maart 2013), nog één keer live:

zondag 31 maart 2013

67. It's sum... sum... sum... sum... sum... sum... summertime

Jahaaaa.. het is zo ver! Het weer zit nog niet helemaal mee, maar dat mag de pret niet drukken. Het is weer zomertijd. Dat betekende vannacht natuurlijk wel een uurtje extra slaaptekort (tenzij je lekker een uurtje langer bent blijven liggen), maar je krijgt er zo ontzettend enorm veel voor terug. Ongelofelijk gewoon. Het blijft bijvoorbeeld langer licht. Dus je kunt vanaf vandaag weer langer buiten sporten, buiten spelen of heerlijk kokkerellen in de buitenkeuken. En natuurlijk kunnen vanaf nu ook de lampjes binnen een stukje later aan. Daar was het ooit, in 1977, om begonnen. Want dat scheelt echt gigantisch veel elektriciteit, omdat woning en tuin niet langer vanaf vijf uur 's middags fel verlicht hoeven te worden. Geweldig toch? Wat een uitvinding. Was het altijd maar zomertijd! Je zou bijna in zingen uitbarsten. In mijn digitale platenkast gingen ze vannacht dan ook al flink te keer. Het was één groot feest:  

De wintertijd was te lang, dacht Sly Stone, dus het is hoog tijd voor Hot fun in the summertime. DJ Jazzy Jeff is gewoon blij dat het zo ver is (Summertime) en Eddie Cochran is een beetje ontroerd: Summertime blues. In Engeland begint het feest een uurtje later, maar als het uur U er is, dan is Van Morrison niet meer te houden: Summertime in England. Ook Placebo doet het graag op z'n Engels, maar dan wel met een regenbuitje erbij: English summer rain.

The Loving Spoonful houdt niet zo van de zomertijd op het platteland (Summer in the city), maar de Isley Brothers juist wel, want daar heb je zo'n heerlijke Summer Breeze. John Martyn heeft een lofzang op de zomertijd gemaakt: Sing a song of summer. En Jonathan Richman krijgt van de zomertijd een heel apart gevoel van binnen: That summer feeling.

The Beach Boys zijn opgetogen. Een hele zomer lang is het zomertijd: All summer long. Yo la Tengo (The summer) en Mogwai (Summer) lijken misschien wat ingetogener, maar dat is schijn. The Style Council hoopt op een lange, hete zomertijd: Long hot summer. Voor Miles Davis is het gewoon een sprookje: Once upon a summertime.

En Mungo Jerry zingt het al jaren van de daken, zing het nu zelf maar eens mee:

Sing along with us, dee dee dee dee dee
Da da da da da, yeah we're hap-pap-py
Da da da dee da doo dee da dee da dee da da, yeah
Da da da da da, dee da da dee da da  



zaterdag 30 maart 2013

66. Als de dood voor bloot

Ik weet het nog goed. Als de dag van gisteren. Het was ergens eind november en er scheen een flauw zonnetje. Plotseling werd ik geboren. Opeens was ik er. Van niets zo maar iets geworden. Ik heb geen centje pijn gehad. Het was zo gepiept. En heerlijk kalm en relaxed lag ik erbij. Fijn, dacht ik, missie geslaagd. Niks meer aan doen. Maar toen begon het gedonder. Luiertjes, rompertjes, gebreide sokjes, borstrokjes, hemdjes, broekjes, truitjes, mutsjes... Nog maar net op aarde en ze deden me meteen al van alles aan. Ik werd ingepakt in dikke lagen katoen en wol. Alsof ze iets wilden verbergen. Geheel aan het oog wilden onttrekken. Iets dat niemand mocht zien. Die nacht kon ik nauwelijks slapen. Want ze deden ook nog warme dekentjes over me heen. Jaren later begreep ik het pas. Het kwam door als de dood voor bloot. Maar toen was het al te laat. Ik was er gewend aan geraakt om meestal kleren aan te doen. Ook als dat niet direct nodig was. Hoe zouden ze in muzikantenland met deze ernstige problematiek omgaan? Zouden ze daar wel tegen een blootje kunnen? Laten we eens een rondje langs de velden doen.

Dan blijkt dat ze er zelfs heel goed tegen kunnen. John Mellencamp bijvoorbeeld vindt het ronduit heerlijk om in zijn blootje te dansen: Dance naked. Bonnie Prince Billy voelt zich heel wat in zijn blote niks: Naked lion. En Van Morrison doet niets liever dan zonder kleren door het donkere woud lopen:: Naked in the jungle.

Cat Power heeft niets te verbergen, voor niemand (Nude as the news) en Skip Spence doet zijn kleren uit waar en wanneer hij dat zelf wil: Naked if I want to. De Red Hot Chili Peppers houden wel van een verfrissend buitje op de blote huid (Naked in the rain), terwijl de Queens of the Stone Age meer voelen voor een blote combinatie: Skin on skin.

Michael Chapman slaat behoorlijk op tilt als hij dames zonder kleren ontwaart (Naked ladies and electric ragtime) en voor Paul Westerberg zijn blote dames zuiver zilver: Silver naked ladies. The Cramps zien iets bloots, hoepla, naar beneden vallen: Naked girl falling down the stair. En de Drive By Truckers doen heel ingewikkeld over bloot enzo: Dead, drunk and naked.


Jeff Buckley vindt het gewoon leuk om naar iets bloots te kijken: Your flesh is so nice. Ook P.J. Harvey kijkt haar ogen uit. Nog nooit zoiets moois gezien: My naked cousin. Voor David Gray is bloot gewoon bloot: Flesh. En ook Sly Stone is er vrij laconiek over. Het is niet meer dan de Skin I'm in.


Radiohead gaat nu het nummer Nude open en bloot voor ons spelen. Live.  



vrijdag 29 maart 2013

65. Percy Mayfield, poet of the blues

Percy Mayfield is de maker van "Hit the Road Jack", dat vooral bekend is geworden in de versie van Ray Charles. Hij was niet alleen een zeer begenadigd songwriter, maar ook een succesvol rhythm & blues artiest met een 'zoetvloeiende' stem die uit duizenden herkenbaar is. Wat je noemt een echte "Poet of the blues".
Mayfield (1920) probeerde als zanger aan de slag te komen in Texas, maar hij kreeg daar geen voet aan de grond en verhuisde in 1942 naar Los Angeles. Het duurde nog vijf jaar voor hij hier zijn eerste single “Two Years of Torture" mocht opnemen. Het nummer verkocht goed genoeg om in 1950 bij het gerenommeerde Specialty Records te mogen tekenen.   
Anders dan veel collega-blueszangers aan de West Coast deed Percy Mayfield geen enkele moeite om bij een blank publiek in de smaak te vallen. Hij schreef en zong zijn eigen nummers en bleef zijn eigen stijl tot het eind toe trouw. Dat leverde prachtige ballads op als “Please Send Me Someone to Love, een grote R&B-hit in 1950.  
Twee jaar later raakte Mayfield ernstig gewond bij een auto-ongeluk. Het gevolg was dat hij niet meer kon optreden. Gelukkig voor ons bleef hij wel schrijven en nummers opnemen, zoals
“Strange Things Happening”, “Lost Love”, “What a Fool I Was”, “Nightless lover”, Memory pain” en het meer dan prachtige "You don't exist no more".
In 1961 hoorde Ray Charles Mayfields “Hit the Road Jack” dat oorspronkelijk zo klonk: Hit the Road Jack. In zijn versie werd Hit the Road Jack een grote hit en Charles contracteerde hem snel als songwriter voor zijn eigen label. Later zijn er overigens nogal tal van covers verschenen, waaronder:
Hit the Road Jack door The Animals
Hit the Road Jack door David Johansen
Hit the Road Jack door The Stampeders
Hit the Road Jack door The Blues Brothers

Voor Ray Charles schreef Percy Mayfield in zijn kenmerkende stijl diverse nummers, zoals
“At The Club”, “Danger Zone”, and “But on the Other Hand, Baby”. In 1984 stierf hij aan een hartaanval, de dag voor zijn 64ste verjaardag. Hij was toen al jaren in de vergetelheid geraakt. 

Helaas zijn er geen levende beelden van Percy Mayfield voorhanden. Daarom 
mag Ray Charles hier Hit the Road Jack nog maar een keertje live laten horen:


donderdag 28 maart 2013

64. Wordt het niet weer eens time for a change?

Nog niet eens zo heel lang geleden, toen ik ietsje jonger was dan nu, werd het vaak en lang lezen van boeken zowel geestelijk als fysiek als heel ongezond beschouwd. Als ik weer eens een nieuwe Dik Trom, Arendsoog, Kant of Heidegger opensloeg, klonk het steevast: "Jongen, al dat lezen de hele tijd, dat is echt helemaal niet goed voor je. Ga toch eens lekker buiten spelen met de andere kinderen". Maar moet je tegenwoordig je oor eens te luisteren leggen op straat en in de huiskamer. Daar klagen de overbezorgde ouders-van-nu: "Hè, zit je alweer achter dat ding? Je hebt nou echt wel lang genoeg gegamed hoor. Dit is echt niet gezond meer. Ga toch eens een boek lezen!" De moraal van dit verhaal... het kan verkeren. Als je gewoon maar lang genoeg wacht, verandert alles vanzelf. En wat tegelijk opvalt: als je iemand hoort roepen dat het tijd is voor een verandering, dan verandert er meestal niets. Van die dingen, ja. Maar goed, hoe wordt er in de muziekwereld omgegaan met veranderingen? Hoe flexibel zijn ze daar eigenlijk? Dat zullen we eens haarfijn uitzoeken...   

Bonobo vindt echt dat er iets moet veranderen (Change is what we need) en ook Marvin Gaye is niet tevreden over de huidige situatie Change what you can. Sam Cooke (A change is gonna come), Leelah James (A change is gonna come), Otis Redding (A change is gonna come) en Aretha Franklin (A change is gonna come) stellen hen eensluidend gerust.

Dan zijn er natuurlijk altijd muzikanten die het op de persoonlijke toer gooien, zoals Fenton Robinson (I've changed), Stevie Ray Vaughan (I'll change) en Dexter Gordon: You've changed. Of die moeite hebben met verandering, zoals She & Him (Change is hard) en Rod Stewart: I wouldn't ever change a thing. Frankie Miller (I Can't change it) en Songs: Ohia denken dat er helaas maar weinig aan te doen valt: An ace unable to change.

De Screaming Trees zien een duidelijke verandering (Change has come), net als bijvoorbeeld John Cale: Changes made. Volgens Chris Isaac is er helemaal niets veranderd (Nothing's changed), maar Sharon Jones denkt daar weer heel anders over (Something's changed) en The Gun Club weet zelfs precies hoe het zit: Emily's changed. J.J. Cale snapt bij god niet waar het allemaal voor nodig is, al die Changes. En Corinne Bailey Rae heeft alles het jaar rond goed bestudeerd en weet het nu zeker: Seasons change.

Tom Waits is realistisch. Grote veranderingen zitten er niet in, maar een kleintje? Wie weet...


woensdag 27 maart 2013

63. Loopt u even mee?

We lopen wat af in ons leven. Dat begint 's ochtends meteen al bij het uit bed komen. Voor je het weet heb je er weer een paar meter opzitten. En dan moet het echte werk nog beginnen. Naar de kroeg, naar de dokter, naar de maan, naar de duivel, in het honderd... je hebt zelfs mensen die alles laten lopen. Die doen dat vaak nog op zeer hoge leeftijd. Bovendien storten veel soortgenoten zich geheel vrijwillig op allerlei loopvarianten, zoals daar zijn wandelen, trimmen, joggen, rennen of gewoon er stevig de pas in zetten. Zogeheten Nordic Walkers proberen parmantig wandelend met twee stokken lelijke gaatjes in mooie bospaden te prikken. Soms loopt het natuurlijk ook van binnen niet helemaal lekker. En als iemand (vaak in uniform) vriendelijk maar dwingend aan je vraagt "Loopt u even mee?", ben je waarschijnlijk een aardig stukje van de weg geraakt. Hoe vaak zouden ze dat in muziekland te horen krijgen? Daar komen we gauw genoeg achter. Zo maar een greep uit de 256 antwoorden...

Er zijn zeker vijf muzikanten die het vriendelijke verzoek hebben gekregen om even mee te lopen. Dat zijn om te beginnen Baby Face Leroy (Take a little walk with me), Otis Spann (Take a little walk with me) en Muddy Waters: Take a walk with me. Maar ook Neil Young (Walk with me) en Mark Lanegan (Come walk with me) moesten eraan geloven.

Maar de meesten bleven toch buiten schot. Paul Weller zette het meteen op een lopen: Why Walk When You Can Run. Little Willie John paste een andere tactiek toe (Walk slow) en Lou Reed nam enig risico (Walk on the wild side), maar met succes. Jimmy Rogers sloeg het aanbod beleefd af (Walking By Myself) en James McMurtry ontsnapt door tussen de druppels door te lopen: Walk between the raindrops.

Dan Auerbach houdt niet zo van bos en hei, maar wandelt het liefst gewoon over straat: Street walkin'. Fairport Convention vindt alleen af en toe een klein stukje wandelen leuk: Walk Awhile in tegenstelling tot Willy Mason die niet van ophouden weet: Gotta keep walking. James Hunter wandelt er gewoon van tussen, als dat van pas komt: I'll walk away. En voor Mark Kozelek moet je oppassen: Walk all over you.

In de jazz wordt al net zo stevig doorgewandeld. Bijvoorbeeld door Leroy Vinegar: Walk on. En ook Miles Davis hield van de paden op, de lanen in: Walkin'. Sonny Clark zag opeens een vreemde gedaante binnenwandelen (Love walked in) en Manu Katché vindt wandelen echt helemaal snoezig: Lovely walk. Art Pepper heeft zojuist nieuwe wandelschoenen aangeschaft en is daar heel trots op: Walkin' shoes.

Het ultieme liefdeslooplied is van Los Lobos: 
 I'll walk alone (if I can't walk with you)